CelluCycle

Op dit ogenblik wordt jaarlijks wereldwijd 150.000 ton biobased plastic geproduceerd in de vorm van PLA (poly lactic acid of polymelkzuur) uit hernieuwbare grondstoffen, zoals bijvoorbeeld uit cellulose. Echter het uitgangsmateriaal is veelal afkomstig uit de voedselketen en relatief duur. Daarom wordt dit PLA alleen afgezet in duurdere, bijvoorbeeld medische, toepassingen. Bovendien kan de reststof die ingezet kan worden als grondstof voor Bio-PLA vele malen nuttiger toegepast worden dan de huidige verwerkingswijze. Indien PLA kan worden geproduceerd uit goedkoper basismateriaal, ontstaat er een enorme marktpotentie om het PLA breder in te zetten. Bijvoorbeeld als verpakkingsmateriaal, wegwerpbekers, -bestek en -borden, plantenpotjes etc. De verwachting is dat de behoefte aan PLA de komende jaren met 18-22% per jaar zal groeien.

Om aan de snel groeiende vraag naar PLA te voldoen, de druk op renewables te verlagen en de transitie naar biobased plastic significant te versnellen moet er dus een goedkoper en milieuverantwoorder alternatief voor grondstof en technologie worden gevonden.

De beoogde doorbraak in dit project is om PLA te produceren uit de cellulosefractie in afvalwater, het zogenaamde zeefgoed. Zeefgoed is een fractie die door middel van fijnzeven achter het grofvuilrooster wordt afgevangen. Het toiletpapier, met name de daarin aanwezige cellulosevezels, is een zeer geschikte grondstof voor de productie van bioplastic. Nergens ter wereld wordt PLA geproduceerd met cellulose uit afvalwater.

Het project wordt uitgevoerd door een breed consortium, bestaande uit technologie-ontwikkelaars (Attero en BWA) en launching customers (Attero en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier).

cropped-CelluCycle_Twitter.png